Architectuur

De Kempische bouwstijl is de nieuwe schuurwoning

· 6 min leestijd

Rijd een willekeurige nieuwbouwwijk binnen en de kans is groot dat je hem al hebt gezien: een woning met een donkere houten gevel, een laag dak zonder overstek en her en der een klein rond raampje in de muur. Een paar jaar geleden was dat een schuurwoning. Nu heeft die schuurwoning een landelijker broertje gekregen, en architecten in het hele land noemen het de Kempische bouwstijl.

Wat is de Kempische bouwstijl precies

De naam verwijst naar de Kempen, het zandgebied dat zich uitstrekt van Noord-Brabant tot diep in Belgisch Limburg en Antwerpen. Daar staan al eeuwenlang boerderijen met dikke bakstenen muren, rieten of pannen daken en weinig franje. Architecten hebben die eenvoud vertaald naar een stijl die perfect past bij het huidige verlangen naar warmte en karakter: gebakken steen in verweerde tinten, eikenhouten balken, luiken voor de ramen en een enkel rond of ossenoog-venster in de gevel.

Het verschil met de klassieke schuurwoning zit vooral in de details. Een schuurwoning oogt strak en industrieel, met een zwarte houten of stalen gevel. De Kempische variant is zachter: bruine bakstenen in plaats van zwart hout, een blinde gevelopening hier en daar, en siermetselwerk dat verraadt dat er een vakman aan het werk is geweest. Wie liever rechte lijnen en glas ziet, leest ook waarom ronde meubels je huis juist verzachten, dezelfde beweging weg van het strakke speelt zich dus ook binnenshuis af.

Waarom deze stijl nu overal opduikt

Het Centraal Bureau voor de Statistiek meldde dit voorjaar dat er in het eerste kwartaal van 2026 een vergunning is afgegeven voor bijna 23.500 nieuwbouwwoningen, meer dan in elk eerste kwartaal van de afgelopen jaren. Met zoveel nieuwe projecten in de pijplijn zoeken ontwikkelaars naar een stijl die opvalt tussen de rijen identieke schuurwoningen die de afgelopen jaren overal verschenen. De Kempische bouwstijl biedt dat: hij oogt landelijk en tijdloos zonder ouderwets te worden, en dat spreekt zowel kopers als gemeenten aan die welstandseisen stellen aan nieuwbouw.

Er speelt nog iets mee. Duurzaam bouwen is geen keuze meer maar een startpunt, en bakstenen, hout en leisteen zijn nu eenmaal materialen die decennia meegaan zonder veel onderhoud. Waar eerdere trends draaiden om zichtbaar tonen van techniek, kiezen bouwers nu voor materialen die je niet meteen als duurzaam herkent. Diezelfde gedachte zie je terug in het interieur, waar soft tech de techniek juist wegwerkt in plaats van hem te tonen.

Herkenningspunten aan de buitenkant

Een paar kenmerken maken een Kempische woning meteen herkenbaar. Het dak heeft nauwelijks overstek, waardoor het silhouet strakker oogt dan bij een traditionele boerderij. De gevel combineert baksteen in aardetinten met houten of stalen kozijnen, vaak in een fijn profiel. Luiken voor de ramen zijn geen decoratie maar functioneel, en dakkapellen worden afgewerkt in zink of leisteen zodat ze niet opvallen. Het resultaat is een huis dat er al honderd jaar lijkt te staan, ook al is de fundering nog geen jaar oud.

Wat de stijl bovendien slim maakt: dankzij prefab-bouwmethoden kun je dat verweerde uiterlijk tegenwoordig combineren met de isolatiewaarden en energieprestatie van een gloednieuwe woning. Je hoeft dus niet te kiezen tussen sfeer en een lage energierekening.

Ook de kavelinrichting sluit erop aan. Waar de schuurwoning vaak vrij en solitair op een groot kavel staat, wordt de Kempische woning juist ontworpen om in een straatje te passen, met een lage erfafscheiding van gebakken steen of gevlochten wilgentenen en een voortuin die er bewust wat verwilderd uitziet. Architecten spelen daarmee bewust in op het gevoel dat een huis er al langer staat dan de bouwvergunning doet vermoeden.

Kleuren en materialen die bij deze stijl horen

Binnenshuis werkt de Kempische stijl het best als je de buitenkant doortrekt naar binnen. Denk aan geleefde houtsoorten, ruwe pleisterwanden en een warme kleurenpalet dat aansluit bij wat we ook al zagen bij terracotta, olijfgroen en zandkleuren in de woonkamer. Vermijd felle contrasten en kies liever voor materialen die met de jaren mooier worden: geoliede eiken vloeren, linnen gordijnen, een enkele muur in ruwe steen. Een wand met natuurlijke textuur werkt hier trouwens net zo goed als in huizen waar wandpanelen de woonkamer een warmer gezicht geven.

Vermijd wel de valkuil om alles tegelijk toe te passen. De kracht van de Kempische stijl zit in rust en herhaling van een klein aantal materialen, niet in een verzameling losse landelijke items bij elkaar gezet.

Wat je hiervan meeneemt naar je eigen verbouwing

Je hoeft niet meteen een compleet nieuwe woning te bouwen om van deze trend te profiteren. Een enkele muur in geverfde baksteen, luiken voor de ramen aan de straatzijde of een dakrand zonder overstek geven een bestaand huis al een stuk van dat karakter. Het gaat niet om nostalgie naar de boerderij van vroeger, maar om een stijl die bewust kiest voor materialen die decennia meegaan in plaats van voor de volgende korte trend. Precies daarom duikt de Kempische bouwstijl dit jaar niet alleen op in tijdschriften, maar ook echt in de straat bij jou om de hoek.

I
Geschreven door Ilias Tahiri Architectuur schrijver

Ilias schrijft over architectuur en ruimtelijke oplossingen met de blik van iemand die beroepsmatig naar muren kijkt en zich afvraagt of ze er wel moeten staan. Als architect ziet hij mogelijkheden waar anderen muren zien, een eigenschap die begon op de architectuuropleiding waar hij leerde dat de beste oplossing vaak de eenvoudigste is. Zijn artikelen helpen je om anders naar je woning te kijken en het potentieel te zien dat je misschien over het hoofd ziet, van een onbenutte nis tot een gang die twee keer zo breed aanvoelt met de juiste truc. Ilias tekent al sinds hij een kleuter was, en het enige dat is veranderd is dat zijn tekeningen nu daadwerkelijk gebouwd worden. Hij schrijft vanuit de overtuiging dat goed wonen begint bij het begrijpen van je ruimte, en dat iedereen dat kan leren.